Varen over de baren 1 / 10 Hij heeft een hele reis voor de boeg De reis kan weken duren Hij gaat een reis met een schip maken Hij heeft een hele lange reis gemaakt Hij moet nog een lange reis maken 2 / 10 Het over een andere boeg gooien Het anker laten zakken Het meertouw anders naar de kade gooien Het anders aanpakken Het overboord gooien 3 / 10 Wind in de zeilen hebben Alles gaat voorspoedig Je vaart heel snel Voor de wind varen Het waait heel hard 4 / 10 Onder zeil gaan De zeilen heisen Onder het zeil door lopen Onder een zeil gaan liggen Gaan slapen 5 / 10 Iemand de wind uit de zeilen nemen Iemand tegenwerken Voor iemand langs gaan varen Het zeil kapotmaken De zeilen naar beneden halen 6 / 10 Een oogje in het zeil houden Een hele goede bril dragen Alles goed in de gaten houden Door een verrekijken naar de horizon kijken Zorgen dat de wind in de zeilen van de boot blijft 7 / 10 Het schip is vergaan met man en muis. Niemand is in leven gebleven Het is een heel oud schip Er zijn meer muizen dan mannen op dit schip Alle muizen zijn gevangen 8 / 10 Er kunnen geen twee kapiteins op één schip zijn. Het schip is te klein Er is er maar één de baas Een kapitein mag niet aan het roer staan Ieder schip heeft maar één kapitein 9 / 10 Alle schepen achter zich verbranden. Niets op reserve houden De hele haven in de brand steken Nooit meer willen varen Helemaal opnieuw beginnen 10 / 10 Daar komt een schip met zure appelen. Daar komt de oogst met zure appelen Het schip is aan het zinken Daar komt het schip met soldaten Er komt een donkere lucht aan Je score is 0%